Opfrissen Engelse werkwoordtijden

12 april 2011 - Auteur:

Veel mensen die voor het laatst op de middelbare school Engels hebben geleerd, vinden het prettig de grammatica van het Engels weer op te frissen als ze deze taal voor hun werk gaan gebruiken. In dit blog besteden we aandacht aan de werkwoordtijden in het Engels. Werkwoordtijden worden gebruikt om acties in tijd tot uitdrukking te brengen. Je geeft met het gebruik van tijden aan of iets in het nu, het verleden of in de toekomst plaatsvindt.

In onderstaand schema geven we de gebruikte tijden met daarbij een voorbeeldzin om duidelijk te maken hoe je de werkwoordtijden kunt toepassen. 

Present Simple

Past Simple

I study English every day.

Two years ago, I studied English in England.
Present Continuous Past Continuous
I am studying English now. I was studying English when you called yesterday.
Present Perfect Past Perfect
I have studied English in several different countries. I had studied a little English before I moved to the U.S.
Present Perfect Continuous Past Perfect Continuous
I have been studying English for five years.

I had been studying English for five years before I moved to the U.S.

The Present Simple
Gebruik je voor een actie die altijd, vaak of regelmatig plaatsvindt maar niet nu en voor feiten.
Schrijfwijze: het hele werkwoord (behalve bij 3e persoon enkelvoud, dan vervoeging).
Bijvoorbeeld: I come from Spain. I get up at eight o’clock every day. He is ill.      

The Present Continuous
Voor een actie die op dit moment/nu plaatsvindt.
Schrijfwijze: ‘to be’ + werkwoord + -ing.
Bijvoorbeeld: I am reading an article. I am driving to work.

Present perfect
Schrijfwijze:  hulpwerkwoord ‘have’ + voltooid deelwoord (meestal –ed achter hele werkwoord).
Drie toepassingen:

  1. Onafgerond verleden (until now): I’ve lived in London for ten years.
  2. Ervaring in het verleden die nu ter sprake komt: He has climbed Mt. Everest. I have never eaten caviar.
  3. Een actie uit het (recente) verleden die nu van belang is: British Rail has cancelled all trains today. The taxi has arrived.

Present perfect continuous
Schrijfwijze: have + been + werkwoord + -ing
Twee toepassingen:

  1. Onafgerond verleden: She’s been talking to him for ages.
  2. Belangrijk voor het nu: Why are you so dirty? Because I’ve been cleaning the house.
    His hands are covered in paint because he has been decorating his house.

Hopelijk is hiermee je kennis van de werkwoordtijden weer opgefrist. Succes met het toepassen! 


Een reactie plaatsen


RSS feed voor reacties op dit bericht. TrackBack URL