In deze aflevering van Trainer aan het woord geven wij het woord aan schrijftrainer Linda den Braven. Linda is een ervaren schrijftrainer die al veel trainingen voor NIOW heeft verzorgd, zoals Notuleren en Helder en zakelijk schrijven. Ze krijgt energie van leuke groepen en blijft bij de tijd door op zoek te gaan naar nieuwe digitale werkvormen. Tot slot geeft ze twee gouden tips voor betere teksten. 

Achtergrond

Linda den Braven werkt ruim 12 jaar voor NIOW als trainer. Ze geeft verschillende schrijfvaardigheidstrainingen, zowel vanuit het open aanbod als incompany trainingen op maat. Denk daarbij aan de trainingen ‘Opfriscursus Nederlands’, ‘Helder en zakelijk schrijven’, ‘E-mails en brieven schrijven’ en ‘Notuleren’. Linda wilde eigenlijk docent Nederlands worden en volgde daarom na haar studie Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam ook de lerarenopleiding.  Maar ze kwam daarna niet in het onderwijs terecht: eerst was ze 7 jaar taaladviseur bij Onze Taal en vervolgens besloot ze als freelance trainer te gaan werken. Het lesgeven is er uiteindelijk toch nog van gekomen, want Linda werkt sinds enkele jaren in deeltijd als docent in het hoger beroepsonderwijs.

 

Wat maakt het trainerschap zo leuk voor jou?

Linda vertelt: “Mensen nemen deel aan een training om hun kennis te vergroten en hun vaardigheden te verbeteren. Het geeft mij altijd weer voldoening als er aan het einde van de trainingsdag wat kwartjes zijn gevallen. Ik ben blij als deelnemers zich dankzij oefeningen en voorbeelden bewuster zijn geworden van hun schrijfstijl en weten hoe ze zichzelf kunnen verbeteren. Ik gebruik in trainingen zoveel mogelijk eigen teksten van deelnemers – daar leren mensen het meest van. Je leert de regels, krijgt tips en past deze toe op je eigen teksten. Dat zorgt voor veel ‘aha!’-momenten tijdens de training. Mooi om te zien als dat kwartje valt! Ik krijg sowieso veel energie van het contact met deelnemers. En van cursisten die er zin in hebben, enthousiast worden en meedoen. Met zulke groepen heb je niet alleen een goed resultaat maar vooral ook veel plezier!"

 

Met een training vergroot je dus de bewustwording en geef je mensen handreikingen om heldere  en zakelijke teksten te maken. “Klopt! Maar dan ben je er nog niet. Anders, meer lezergericht schrijven heeft onderhoud nodig, dat gaat niet in één keer goed. Vaak komen organisaties terug voor opfriscursussen in helder schrijven. Ik kom soms dezelfde deelnemers tegen, die dan na een paar jaar een herhaalcursus doen. Dat je zegt: ‘Hee, heb ik jou niet eerder gezien?’ en dat mensen dan vertellen dat ze een paar jaar geleden ook deze training gevolgd hebben en toe zijn aan een opfrisser.”

 

Je bent al een ruime tijd trainer. Merk je trends in schrijfstijl en leerwensen?

“Ja, de trend is korter en individueler; zowel voor de teksten als voor de training. Kortere teksten in de zin van: geen overbodig en wollig taalgebruik meer maar gewoon duidelijke taal gebruiken die iedereen kan begrijpen. En mensen willen meerdere kortere trainingsmomenten, die beter passen in het dagelijks ritme. Er is ook een verschuiving gaande van trainen in grote groepen naar individueler leren, ondersteund met digitale mogelijkheden. Dat ligt in het verlengde van de kortere leermomenten. Meer ‘learning on demand’ zeg maar.”

 

“Daarnaast is er een groeiend bewustzijn voor duidelijke taal. Duidelijke taal is meer gemeengoed geworden, initiatieven komen vaker in het nieuws en meer organisaties en overheden realiseren zich dat duidelijke taal beter is voor hun doelgroep(en). Waarom mensen soms zo wollig en langdradig schrijven met allemaal moeilijke woorden? Daar is niet echt een duidelijke verklaring voor, misschien heeft het te maken met status: dat je met taal kunt laten zien wie je bent. Of misschien komt het voort uit onzekerheid, dat mensen de boodschap verhullen door vage taal te gebruiken. Trend is hoe dan ook dat er steeds meer aandacht voor de lezer is.”

 

Vorig jaar schakelden we massaal om naar trainingen via Zoom en Teams. Hoe was dat voor jou en wat heb je anders aangepakt dan in de zaal?

“Ja, dat was even schakelen voor iedereen. Maar gelukkig hebben trainers én cursisten dat snel opgepakt. Wat mij vooral opviel is dat je als trainer tijdens online trainingen je ook de informele momenten en pauzes wat bewuster moet inplannen. In de zaal kun je via non-verbale communicatie beter aflezen aan de groep of het tijd is voor pauze, bijvoorbeeld. Of wanneer het tempo van de training te hoog of te laag ligt. Online kondig ik de structuur van de training nog beter aan, ik merk dat er online meer behoefte is om het programma helder te hebben. Daarnaast moet je in de online klas als trainer wat vaker bewust checken of iedereen nog meekomt en of alles duidelijk is.”

 

“Trainingen hebben toch ook een groot sociaal aspect, vooral als er collega’s samen in een groep zitten. Mensen willen natuurlijk even bijkletsen, zeker ze elkaar door de lockdown lang niet gezien of gesproken hebben. Toen de trainingen net omgeschakeld waren naar online ging ik nog wel eens de break-out rooms ‘binnen’ om te vragen hoe het ging. Dan viel ik soms midden in een informeel gesprek en voelde ik me een beetje een indringer. Dus nu laat ik ze wat meer hun gang gaan en geef ik ze gewoon 5 minuten extra voor een opdracht, zodat ze in de subgroepjes ook even kunnen bijpraten.”

 

“Een bijkomend voordeel van online trainen is dat je veel meer digitale werkvormen leert kennen en gebruiken, zoals Kahoot, Socrative of Padlet. Digitale werkvormen hebben echt een vlucht genomen de afgelopen tijd. De meeste trainers vinden het leuk om bij de tijd te blijven door nieuwe werkvormen te ontdekken en ze uit te wisselen met collega-trainers. Voor deelnemers is variatie in werkvormen sowieso fijn, zowel online als in de zaal.” 

 

“Ik kijk er erg naar uit om weer trainingen in de zaal te geven, maar één aspect van online trainen is me wel heel goed bevallen: het ontbreken van reistijd! Door trainingen online te geven, kan ik bij wijze van spreken om half 10 een training geven aan iemand aan de andere kant van het land, en om kwart voor 9 nog rustig ontbijten. En dat geldt natuurlijk ook voor de cursist! Ik verwacht daarom dat online trainingen ook na de coronacrisis zullen blijven, bijvoorbeeld voor individuele schrijfcoaching. Je kunt dan prima korte sessies afspreken wanneer het goed uitkomt, zonder je halve dag kwijt te zijn aan reizen.”

 

Tot slot: uit jouw uitgebreide ervaring heb je vast wel een gouden schrijftip die je met ons wilt delen…

“Daar vraag je me wat…  Mag ik er ook twee geven? Mijn beste tip is: verplaats je in je lezer. Vraag je af: ‘wat wil hij weten?’ in plaat van: ‘wat wil ik kwijt?’ En mijn tweede gouden tip is: neem de tijd voor je voorbereiding. Weinig mensen is het gegeven om in één keer een goede tekst te schrijven. Veel mensen denken: ik begin gewoon met schrijven en dan ga ik daarna wel schuiven tot alles op zijn plaats staat. Dat is niet zo efficiënt, want het kost tijd en je moet steeds opnieuw nadenken over de structuur en de inhoud. Je kunt beter vooraf bedenken wat je wilt schrijven (en waarom). De tweede stap is het in grote lijnen opschrijven, met bijvoorbeeld de tussenkopjes als kapstok voor de juiste volgorde. Ten slotte ga je dat aanvullen tot een goedlopende tekst. Op die manier heb je al een structuur die je helpt om je gedachten op papier te zetten.”